Hoe Laura H. terugkeerde uit het kalifaat

Lees het verhaal

Aan de voorkant ronkt het de belofte van de nieuwe deeleconomie, maar diep vanbinnen blijkt het een enorme stap achterwaarts,terug naar de tijd van slaafs ploeteren voor een droge boterham. De ieder-voor-zich-economie. Niemand legde eerder zo helder bloot waarom Uber niets heeft van het moderne idealisme waarmee het bedrijf zich profileert, zoals Jeroen van Bergeijk dat doet in dit verhaal.

Toelichting auteur

Hij had geen idee wat hem te wachten stond. Toen Thomas Rueb (31) in maart 2017 aanbelde in Zoetermeer bij Eugène, de vader van teruggekeerde Syriëganger Laura H., wist hij dat hij mogelijk een spannend verhaal zou horen, een verhaal over het leven in het kalifaat, maar dat het zó explosief zou zijn, ongeloofwaardiger dan een spionagefilm, had hij nooit kunnen bevroeden.

Eugène deed open, een man met lange blonde krullen. In de zitkamer speelden de kinderen van Laura H. (22), die zelf al maanden in een isoleercel zat. Het ene kind drie maanden oud toen Laura het meenam naar het kalifaat, het ander was nu 5. Ze waren met hun moeder ontsnapt, maar hoe?

Zes uur later stond Rueb weer buiten, met dat gemengde gevoel van opwinding en bezorgdheid dat mening journalist zal herkennen: ik heb een geweldig verhaal in handen, maar hoe ga ik dit in godsnaam fit to print maken?

Hij belde zijn chef: het interview met Eugène (51) kon niet zomaar gepubliceerd worden, dit zou niemand geloven. Hij zou alles moeten factchecken. Het hele verhaal, hoe Eugène al maanden zijn dochter uit Irak probeerde terug te krijgen, hoe hij een Duitse radicaliseringexpert inschakelde die hem voor 10 duizend euro zou helpen om met een team van huurlingen Laura terug te halen. Spionnen, inderdaad.

Dat Rueb dit verhaal op het spoor kwam was puur geluk. De nieuwe advocaat van Laura H. had aan Eugène aangeraden om de media op te zoeken, om de beeldvorming te doen kantelen; tot dan toe dachten veel mensen, waaronder het Openbaar Ministerie, dat Laura wellicht was teruggekeerd met terroristische motieven, om een aanslag te plegen. Haar verhaal wás ook ongeloofwaardig. Op de Koerdische tv had ze vlak na haar ontsnapping gezegd dat ze ontvoerd was naar het kalifaat, wat een leugen bleek te zijn.

De advocaat van Laura belde een bevriende journalist bij NRC, maar die woonde inmiddels in het buitenland. Hij verwees de advocaat door naar Rueb, die op dat moment zo goed als geen ervaring had met onderwerpen als radicalisering en de jihad. Gelukkig was Eugène goed van vertrouwen. Hij overhandigde Rueb zijn volledige correspondentie met Laura via Whatsapp en met het Familiesteunpunt Radicalisering, dat hem had aangeraden met de Duitser contact op te nemen.

Na lang onderhandelen lukte het Rueb ook om de Duitse expert aan het praten te krijgen, op voorwaarde van anonimiteit. Hij bevestigde woord voor woord het verhaal van Eugène. Zijn team zou Laura, haar man Ibrahim en haar kinderen opwachten bij de Iraaks-Koerdische grens. Ibrahim wist van niets en zou overgedragen worden aan het Koerdische leger. Ze zou eindelijk van hem af zijn, de man die haar al jaren mishandelde, die haar overtuigde om naar het kalifaat te reizen, die haar een paradijs beloofde.

Maar het liep anders. Op weg naar de grens, middenin een uitgestrekt woestijnlandschap, stuitten Laura, Ibrahim en de kinderen op een wegversperring; de auto kon niet verder rijden. Vanaf toen ging het snel. Ze werden beschoten door strijders van IS. Er landde een mortier vlak naast hen, Ibrahim raakte daarbij gewond. Laura begon te rennen, met een baby in een draagzak en een vierjarig meisje aan de hand. Kogels vlogen om haar hoofd.

Een Koerdische generaal zag door zijn verrekijker Laura en haar kinderen aan komen lopen. Hij liet mortieren schieten op de IS-strijders in de verte, om haar dekking te geven. Laura was ongedeerd. Haar dochter was op haar hoofd gevallen, maar niet in levensgevaar. De baby hing bewusteloos in de draagzak; hij liep geen ernstig letsel op, bleek later.

Rueb had bijna alles rond gekregen, hij had geen gaten in het verhaal van Eugène kunnen schieten, alles klopte. Het enige wat ongewis bleef, waren die uren in de woestijn. Niemand behalve Laura kon haar verhaal bevestigen. Wat er met Ibrahim is gebeurd, is tot op de dag van vandaag niet zeker. Vermoedelijk is hij ter plekke overleden.

Rueb schreef expliciet in het stuk dat hij de uren van de ontsnapping niet kon staven met bewijs of getuigenissen. Hij had ‘alleen Laura’s woord’, en dan ook nog eens opgetekend uit de mond van haar vader, want Laura mocht uiteraard niet met de pers praten.

Meerdere maanden en verhalen over de zaak-Laura H. verder, het was inmiddels duidelijk dat Rueb een boek over haar zou gaan schrijven, had hij haar nog altijd niet ontmoet. Op een dag, Laura was net voorwaardelijk vrijgekomen, toog hij weer eens naar Zoetermeer om met Eugène te overleggen. Rueb liep het huis binnen en tot zijn schrik stond daar een jonge vrouw, hij herkende haar nauwelijks zonder hoofddoek. Hij durfde haast niets te zeggen. Laura had toch een spreekverbod?

Later hoorde hij dat Eugène al met de reclassering overlegd had en dat er niets aan de hand was – dit moment was een verrassing voor Rueb. Hij wilde wel duizend vragen aan Laura stellen, maar op dat moment kwam hij niet verder dan: ‘Hoi, hoe gaat het?’

Biografie

Henk Blanken

Thomas Rueb (31) is binnenlandverslaggever bij NRC Handelsblad, waar hij het afgelopen jaar vooral over jihadisten en radicalisering schreef. Momenteel heeft Rueb een aantal maanden vrijgenomen van zijn werk bij de krant om zijn boek over ‘jihadbruid’ Laura H. te schrijven, dat in mei 2018 bij Das Mag zal verschijnen. Rueb won in 2017 de publieksprijs van De Tegel, waarvoor hij genomineerd was met een interview met een gediscrimineerde politieagent. Rueb groeide op in Oegstgeest en studeerde geschiedenis en journalistiek aan de Universiteit van Amsterdam.

Waarom dit verhaal? 
‘Laura leeft.’ Met de laatste woorden van de eerste scène geeft Thomas Rueb al veel weg, maar hij bespeelt ook behendig de nieuwsgierigheid van de lezer. Hoe kan Laura H. deze ontsnappingspoging uit het kalifaat in godsnaam hebben overleefd? En: hoe heeft het ooit zo ver kunnen komen? Rueb stond voor de moeilijke taak om het personage Laura tot leven te wekken zonder dat hij haar ooit had ontmoet. Op basis van de verhalen van haar vader en gedegen onderzoekswerk is Rueb geslaagd om aannemelijk en invoelbaar te maken hoe een meisje uit Zoetermeer in de greep kwam van de islam, afreisde naar het kalifaat en als een wonder weer terugkeerde. Zeer fraai weeft Rueb de verschillende verteltijden door elkaar: een naïef meisje op drift, een jonge vrouw in doodsangst, een wanhopige vader thuis. Deze gelaagde constructie levert een van de meest relevante én levendige journalistieke verhalen van het jaar op.

Toelichting van de maker 
Hij had geen idee wat hem te wachten stond. Toen Thomas Rueb (31) in maart 2017 aanbelde in Zoetermeer bij Eugène, de vader van teruggekeerde Syriëganger Laura H., wist hij dat hij mogelijk een spannend verhaal zou horen, een verhaal over het leven in het kalifaat, maar dat het zó explosief zou zijn, ongeloofwaardiger dan een spionagefilm, had hij nooit kunnen bevroeden. Eugène deed open, een man met lange blonde krullen. In de zitkamer speelden de kinderen van Laura H. (22), die zelf al maanden in een isoleercel zat. Het ene kind drie maanden oud toen Laura het meenam naar het kalifaat, het ander was nu 5. Ze waren met hun moeder ontsnapt, maar hoe? 

Contact

Adres:

Postbus 15899
1001 NJ Amsterdam
Nederland

E-mail:
info@verhalendejournalistiek.nl